Versierselen

et Bossche stadsbestuur besteedde veel aandacht aan de presentatie van haar functionarissen en vertegenwoordigers. Voor de Stadspijpers lieten ze ware kunstwerken maken door waarschijnlijk de beste zilversmid van de stad.

De brodsies overtreffen in kwaliteit al het andere edelsmeedwerk uit de stad dat bewaard bleef. In de hoofdvorm, een vierpas, vormen dolfijnen staart aan staart en kop aan kop, aangevuld met wat bloem- en bladwerk de omranding.
Dit vormt de contour rond de bosboom, het symbool van ‘s-Hertogenbosch, waarin het stadswapen is opgehangen. Zilversmid Aert van Muers maakte er in het begin van de zeventiende eeuw een vijfde exemplaar bij.

De armbanden van de Stadspijpers werden in 1530 of de eerste helft van de zestiende eeuw gemaakt door een zilversmid, mogelijk Frans Vuechts. De stadsnaam werd afgebeeld in rebusvorm op een groenfluwelen, met rode franje afgeboorde band. In zilver, oorspronkelijk verguld, is de stadsnaam aangeduid door een S-kapitaal, een hart, twee ogen, en weer in kapitalen het woord BOSSCHE. Deze zilveren insignes en de brodsie kregen de pijpers in bruikleen, waar ze zelfs een borg voor moesten stellen. Bij vertrek of overlijden moesten ze aan de stad worden teruggeven.

Ter gelegenheid van de heroprichting van de Stadspijpers in 1984 zijn replica’s gemaakt van de rebusarmband en de brodsie. Deze sieren nu en in de toekomst het livrei.

De trompetten van de Stadspijpers waren versierd met vanen. Zo werden er in 1498 vier zijden vanen peers van verve gemaakt, geschilt (geschilderd) met deser stat wapenen. Voor de afwerking werden groene zijden franjes, groen lint en gouddraad gebruikt.

Er zijn aan de hand van deze omschrijvingen en het stadswapen zoals afgebeeld op de brodsies uit 1530, vier nieuwe vanen gemaakt. Hierbij werd gebruik gemaakt van de ambachtelijke technieken uit die tijd.